Bosuilstadion

april 2nd 2011 | Posted in

Verhaal van het stadion:

Antwerp bespeelde tussen het stichtingsjaar 1880 en 1923 zes verschillende terreinen in Berchem en op het Kiel (jawel, de wijk waar het stadion van aartsrivaal Germinal Beerschot zich bevindt). Een overzicht:
1880 – 1893 Wilrycksche Plein (Kiel)
1893 – 1895 Transvaalstraat (Berchem)
1895 – 1897 Terrein naast Velodroom Zurenborg (Berchem)
1897 – 1903 Middenplein Velodroom Zurenborg (Berchem)
1903 – 1908 Kruisstraat (Kiel)
1908 – 1923 Broodstraat (Kiel): 350 zitplaatsen (overdekte tribune), 5000 staanplaatsen (3m hoge omwalling)

Kort na de Eerste Wereldoorlog ging de club op zoek naar een nieuwe locatie, het stadion aan de Broodstraat was te klein geworden. Men vond die in de Bosuil, een gekende lusttuin in Deurne waar de grondprijs een stuk lager lag van op het Kiel. Er werd overwogen om een stuk grond van 30ha aan te kopen, waarbij 22ha in een eerste optie ontgonnen zou worden en de opbrengst naar de investeerders zou gaan en in een tweede optie verkocht zouden worden ten voordele van de club, maar uiteindelijk werd een derde mogelijkheid met een meerderheid van één stem aanvaard: enkel de 8ha nodig voor de bouw van het stadion werden aangekocht. Het vinden van de benodigde 1,8 miljoen frank verliep niet zonder moeite. Op 1 oktober 1922 werd de eerste paal in de grond geslagen, dertien maanden later vond de inhuldiging plaats.

De 25.000 staanplaatsen achter beide doelen werden opgetrokken met 40.000m³ grond uit de Bosuil zelf. De hoofdtribune telde 8.000 zitplaatsen, beschikte uit veiligheidsoverwegingen (om handgemeen bij betwistingen tot een minimum te beperken) over drie tunnels (voor beide ploegen én de scheidsrechters). Centraal boven in de tribune werd een receptiezaal met terras voor genodigden ingericht.
Tribune 2 aan de overzijde bood plaats aan 6.000 zittende toeschouwers.

Rondom het stadion kwamen een 2m hoge muur (met 10 loketten), een lange vijver, een monument ter ere van de in de oorlog gesneuvelde clubleden, 2 oefenvelden, 12 tennisterreinen en een parking voor 400 wagens. Aanvankelijk was in een straal van 2km geen huis te bespeuren, amper 7 jaar later stonden er 2.600 woningen en werd hard gewerkt aan de aanleg van wegen en tramsporen.

In 1929 kreeg het stadion een dringende opfrisbeurt (de staanplaatsen waren overwoekerd door onkruid, verf begon af te schilferen, het hout was aan het verrotten en regen sijpelde door de muren).

13 jaar na opening werd het stadion uitgebreid. Tribune 2 werd volledig vervangen en beschikte voortaan over 11.000 zitplaatsen. De beide doeltribunes kregen een extra ring met 16.000 staanplaatsen.

Het overkapping van tribune 2 mocht in 1939 al vervangen worden door een steviger exemplaar nadat hevige stormwinden het hadden weggerukt. Bij de werken verloor een bouwvakker het leven door een val van het dak.

In de zomer van 1948 werden 2 extra hectare aangekocht voor de aanleg van 2 nieuwe terreinen en 12 kleedkamers bijgebouwd (acht voor de spelers, vier voor de scheidsrechters). Er kwam ook een wasserij in het stadion, uniek voor die tijd. In 1954 werd het chalet voor de hockey- en tennisafdeling ingehuldigd waardoor nog eens 2 kleedkamers vrijkwamen in het stadion, die in gebruik werden genomen door de Belgische en Nederlandse spelers op 24 oktober van dat jaar.

In 1961 werd de lichtinstallatie in gebruik genomen. Het stadion onderging daarna lange tijd geen noemenswaardige verbouwingen meer. Wel werden er compartimenten afgesloten (de bovenste ring van de doeltribunes) en sneuvelden eerst de staanplaatsen rechts en later ook links van de hoofdtribune. Het Atriumcomplex met 800 business seats, gebouwd in 1991 verminkte het stadion maar verschafte de club wel extra inkomsten. De inmiddels afgesloten doeltribune links werd in het kader van een renovatie van de Bosuil (zie verder) eind jaren ’90 afgebroken maar een nieuwe overdekte zittribune met 3.000 plaatsen liet even op zich wachten. Die kwam er in 2001.

Een echte hel, vooral voor Oranje

De forse uitbreiding van de Bosuil in de jaren ’30 had veel te maken met de “derby der lage landen”. De Rode Duivels namen het voor het eerst tegen Nederland op in Deurne op 15 maart 1925 (0-1). Het begin van een ware traditie: eindbalans 38 confrontaties, de laatste maal op 26 maart 1977. 20 maal won België, 11x trokken de Noorderburen aan het langste eind en 7 keer eindigde de wedstrijd op een puntendeling. Grootste overwinning voor de thuisploeg: 7-1 (17/03/1940). Zwaarste nederlaag: 2-7 (13/04/1958).
Maar het Bosuilstadion ontving ook andere nationale ploegen.Zo verloor België de halve finale van het Europees Kampioenschap in 1972 in Deurne met 2-1 van West-Duitsland. De laatste interland werd er gespeeld op 12 oktober 1988 tegen Brazilië (1-2).

Eurostadion en consoorten

Al ruim twintig jaar lang zit RAFC in een schrijnende stadionsoap verwikkeld. Het begon allemaal met de plannen van trainer/technisch directeur Sir George Kessler voor een nieuw stadion eind jaren ’80.
Na het bereiken van de finale van de Beker voor Bekerwinnaars in 1993 werden die terug opgerakeld. Later dat decennium wilde Antwerpen graag Euro 2000 naar de stad halen. Stad en club (FC Antwerp wilde op de Bosuil een multifunctioneel stadion bouwen met 30.000 zitplaatsen, met dak) raakten er echter niet uit, de “metropool” zag het EK aan zich voorbij gaan en de plannen verdwenen terug in de ijskast. Op het einde van de 20ste eeuw kwam zakenman Albert Pans met Amerikaanse investeerders aandraven: Antwerp zou dan toch een nieuw, comfortabel en multifunctioneel stadion, in een eerste voorstel met 20.000 plaatsen (gefaseerde bouw, 30 miljoen dollar), later met 30.000 zitjes (1,8 miljard BEF) krijgen. Ook dit avontuur liep op een sisser af, net als het voorstel voor een Antwerp Colosseum (eveneens 30.000 plaatsen) aan het Lobroekdok.
De nieuwste “familie-tribune” was eigenlijk een eerste fase van een nog recenter stadionproject. In latere fases moest die een tweede ring met eveneens 3000 zitjes krijgen en zouden de andere tribunes vervangen worden.
In 2005 tenslotte werden een laatste maal nieuwe plannen voorgesteld, waarin in de 4 hoeken torens werden toegevoegd. Het stadsbestuur ging echter (opnieuw) niet akkoord.

Van alle mooie plannen kwam dus niets in huis en intussen verloederde de Bosuil verder. Tribune 2 moest meermaals om veiligheidsredenen afgesloten en opgekalefaterd worden (dak, betonconstructie). Ook met de hoofdtribune was er recent nog een probleem: het dak boven het bezoekerscompartiment lekte.

Enkele jaren geleden wilde het toenmalige Antwerpse stadsbestuur Antwerp en Germinal Beerschot verenigen in één stadion met 25.000 plaatsen (44.000 indien de stad het WK Voetbal in 2018/2022 zou ontvangen). Toen de aartsrivalen eindelijk daartoe bereid leken kwam Beerschot met een plan voor een eigen nieuw stadion op de proppen (en later een uitbreiding van het Kiel). De Ratten gingen echter failliet in 2014 en de nieuwe club Beerschot-Wilrijk startte in eerste provinciale. Het plan voor een gemeenschappelijk stadion lijkt vandaag dood en begraven. Het nieuwe clubbestuur van FC Antwerp gaat nu voor een totaalrenovatie van de Bosuil. Het masterplan daarvoor moet nog uitgewerkt en voorgesteld worden maar in de zomer van 2014 wordt alvast de vervallen en grotendeels afgesloten hoofdtribune aan een (tijdelijke) facelift onderworpen.

Fiche:

Naam: Bosuilstadion
Adres: Oude Bosuilbaan 54a, 2100 Deurne
Totale Capaciteit: 12 975
Bouwjaar: 1923
Laatste Renovatie: 2015 (renovatie Tribune I)
Ingebruikname: 1 november 1923: België-Engeland 2-2, 40.000 toeschouwers
Club: Royal Antwerp FC

Verdeling van de capaciteit:

Tribune 1 (hoofdtribune): 2.373 zitplaatsen

Tribune 2: feitelijke capaciteit: 7.760 plaatsen. Toegelaten capaciteit: 6.810 plaatsen.

Tribune 3: 2.992 zitplaatsen (inclusief bezoekersvak)

Tribune 4: 800 business seats

Foto’s:

Links/bronnen: